Slecht licht en toch een goede foto maken? 3 tips!

22 december 2015

Vorige week poste ik dit bericht, over geen zon en toch een goede foto. Kort erna kwam via twitter de vraag: hoe doe je dat dan?  Deze week het antwoord voor de fotografieliefhebbers.

In de workshops die ik geef begin ik altijd met de opmerking dat fotograferen in eerste instantie met kijken te maken heeft. Welk licht er ook is, het scheelt als je de foto al ziet voordat je hem überhaupt gemaakt hebt.

Maar goed, dan zie je die foto in je hoofd en dan? Hoe pak je dat aan.

Tip 1

Doe je flitser uit! Kijk maar even naar deze twee voorbeelden:

Monumenten fotograaf Leontine van Geffen-Lamers

 

Monumenten fotograaf Leontine van Geffen-Lamers

De bovenste foto maakte ik met een opzetflitser, vergelijkbaar met flitsers die in de meeste camera zitten. Wat je ziet is dat de voorgrond behoorlijk licht is en de achtergrond donker wordt. Helemaal bovenin loopt een balk. Dit is geen echte balk, maar de schaduw van de onderste balk. Ik vind schaduw vaak mooi, maar dit slaat nergens op. Flitser uit dus..

Tip 2

Zet je iso omhoog. Afhankelijk van hoe donker de ruimte is, moet je die aardig opschroeven. De foto zonder flitser van hierboven heeft een iso van 6400. Helaas is het wel zo dat veel camera’s dan veel ruis geven. Ik neem dat voor lief. Liever een beetje ruis dan dat rare flitslicht.

Tip 3

Dit is een tip voor gevorderden. Je moet je camera op M (manual) zetten. Dit betekent zelf je diafragma (de opening van de lens) en sluitertijd (snelheid waarmee de ‘spiegel’ in je camera open en dicht gaat) instellen. Diafragma wordt op een camera vaak aangegeven met een A van ‘aperture’. Diafragma dus in het Engels. T of S is voor sluitertijd. Time of speed in de Engelse variant.

Welke getallen dan voor de sluitertijd en diafragma?  Dat is even zoeken naar wat nog haalbaar is. Vaak heb je met een f4 of f4.8 nog best aardige scherpte diepte als je een overzichtsfoto maakt en anders heb je een mooie onscherpe achtergrond. Qua sluitertijd kun je, afhankelijk van je lens, zakken tot zo’n 1/30. Moet je wel goed stilstaan vooral geen telelens gebruiken, want dan krijg je bewegingsonscherpte.

Geen camera?

Heb je geen (spiegelreflex) camera, maar fotografeer je met een telefoon. Geen paniek. Tik met je vinger op de plek waar jij het beste licht wilt hebben. Bijvoorbeeld van die man in het donker, tik op een licht deel. Dan past de camera daar de belichting aan. Het donkere wordt dan veel te donker, maar dat geeft niet. Het gaat immers om die man in het licht.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *